Actueel > Vereniging Rembrandt pleit voor een onafhankelijke commissie die over de verkoop van collectiestukken oordeelt

29-11-2011



Op dinsdag 29 november organiseerde de Vereniging Rembrandt de 'Rembrandtlezing 2011'. Tijdens deze jaarlijks terugkerende lezing snijdt de vereniging actuele onderwerpen aan op het gebied van het openbaar kunstbezit. Dit jaar stond onder de titel ‘Ik hou van je, ik hou niet van je ... verzamelen voor de eeuwigheid?', de Leidraad Afstoting Museale Objecten (Lamo) centraal. Tijdens de lezing kwam de Vereniging Rembrandt met het voorstel om, als aanvulling op de Lamo, een commissie in het leven te roepen die beoordeelt of een werk in Nederland moet blijven indien het kan worden afgestoten.

Het tafelzilver kan maar één keer verkocht worden...
De directe aanleiding voor de Vereniging Rembrandt om de Lamo ter discussie te stellen was de recente verkoop van het schilderij The Schoolboys van Marlene Dumas door Museum Gouda. Geheel tegen de voorschriften van de Lamo in, verkocht het museum het schilderij zonder het eerst aan andere Nederlandse musea aan te bieden en gebruikte de opbrengst om onder meer een gat in haar begroting te dichten. Het schilderij kwam vervolgens bij een koper in het buitenland terecht. Na veel kritiek uit het museale veld betuigde Museum Gouda uiteindelijk spijt van haar handelswijze. De Nederlandse Museum Verenging (NMV), die de Lamo mede heeft samengesteld, berispte het museum vanwege de verkoop, maar besloot tijdens haar ledenvergadering om het museum niet te royeren als lid van de NMV. Eerder had ruim twee derde van de leden van de NMV aangeven wél tot ‘excommunicatie' over te willen gaan, maar hier werd van afgezien onder de voorwaarde dat de Lamo aangescherpt zal worden.

Ook de Vereniging Rembrandt pleit voor een aanscherping van de Lamo. Het kan niet zo zijn dat musea de verkoop van collectiestukken als een middel gaan gebruiken om financiële tekorten weg te werken en de Lamo slechts als een richtlijn gaan beschouwen. De zorg is dat dit ook helemaal niets oplost aangezien, zoals voorzitter van de Vereniging Rembrandt Martijn Sanders het tijdens de Rembrandtlezing verwoordde: ‘je het tafelzilver maar één keer kunt verkopen, het dak er één keer mee kan repareren, maar het dak op een dag opnieuw gaat lekken'.

Voorkom dat slagers hun eigen gaan vlees keuren...
Om er voor te zorgen dat in de toekomst geen topstukken, zoals de The Schoolboys, verloren gaan voor de Collectie Nederland kwam Martijn Sanders namens de Vereniging Rembrandt met het voorstel om als aanvulling op de Lamo een onafhankelijke commissie in het leven te roepen die beoordeelt of een kunstwerk in Nederland moet blijven of niet. De Vereniging Rembrandt is van mening dat Nederlandse musea verplicht zouden moeten worden om een voorgenomen verkoop te melden bij een dergelijke commissie. Deze commissie toetst dus niet alleen het belang van het collectiestuk ten opzichte van de collectie van het museum dat het wil afstoten, maar beoordeelt ook of het werk van belang is voor de Collectie Nederland. Deze aanvulling vormt hoe dan ook een goede aanscherping aangezien de Lamo enkel is opgesteld vanuit het perspectief van individuele collecties.

Vereniging Rembrandt kijkt verder dan het lokale belang...
De Vereniging Rembrandt zou, als belangenbehartiger van het Nederlands openbaar kunstbezit, graag samen met andere partijen, zoals de NMV, een rol willen spelen in het opzetten van een dergelijke commissie. De normen die deze commissie zou moeten hanteren sluiten goed aan bij de criteria die de Vereniging Rembrandt hanteert bij steunverlening.

Dat zowel het aankopen als afstoten van kunstwerken vaak maatwerk is, bleek uit de voordrachten van de vier museumdirecteuren die waren uitgenodigd om tijdens de Rembrandtlezing te spreken. Charles de Mooij van het Noordbrabants Museum, Emilie Gordenker van het Mauritshuis, Ruud Priem van het Catharijneconvent en Ralph Keuning van Museum de Fundatie gaven ieder voorbeelden van werken die niet meer in de collectie van hun museum pasten en hoe zij daar mee om zijn gegaan. Ze gaven voorbeelden van werken die als bruikleen succesvol elders in de Collectie Nederland werden herplaatst, van directie ruilhandel tussen musea en van werken die het juist heel goed deden als ‘vreemde eend in de bijt'.

Alle sprekers waren het er over eens dat de Lamo te allen tijde strikt nageleefd dient te worden en dat deze aangescherpt moet worden. De Vereniging Rembrandt gaat er van uit dat de Nederlandse musea zich inderdaad blijven houden aan de Lamo en wil de komende tijd samen met andere partijen eraan werken om deze aan te scherpen. Alleen dan kan te allen tijde een sterke Collectie Nederland worden gewaarborgd.

Meer weten over de Lamo? Kijk op de site van de Nederlandse Museum Vereniging:
 http://www.museumvereniging.nl/Voorleden/Ethischecode/LAMO.aspx