Actueel > Persberichten
Raad voor Cultuur: geen erfgoed in de etalage
Afzender: Raad voor Cultuur
23 november 2011
De omstreden verkoop van het schilderij ‘The Schoolboys’ door museum goudA eerder dit jaar onderstreept volgens de Raad voor Cultuur dat bestaande afspraken over het beheer en behoud van ons cultureel erfgoed niet serieus zijn genomen. Om herhaling te voorkomen, pleit de Raad daarom voor een strikte naleving van de ‘Leidraad voor het Afstoten van Museale Objecten’ (LAMO). Dit betekent onder meer dat objecten of verzamelingen altijd eerst aan collega-musea moeten worden aangeboden. Dit schrijft de Raad in een vandaag gepubliceerd advies.
De LAMO is bedoeld om objecten en collecties te beschermen die deel uitmaken van ons cultureel erfgoed. Afstoting van objecten mag dan ook niet zomaar gebeuren; het moet leiden tot een verbetering van de verzameling en zijn gebaseerd op een zogenoemd ‘collectieplan’. Bij de veiling van ‘The Schoolboys’ en de voorgenomen verkoop van de Afrika-collectie van het Wereldmuseum in Rotterdam lijken financiële tekorten echter de voornaamste drijfveer te zijn geweest. Dit vindt de Raad een zorgwekkende ontwikkeling.
De Raad wil deze ongewenste trend een halt toeroepen en dringt aan op een strikte naleving van de LAMO. Concreet betekent dit dat objecten of verzamelingen altijd eerst aan collega-musea moeten worden aangeboden. Bovendien mogen musea kunstobjecten niet uit commerciële overwegingen afstoten. Om tijdig te kunnen inspelen op maatschappelijke ontwikkelingen, is een periodieke evaluatie van de LAMO volgens de Raad een voorwaarde.
In zijn advies over het museale bestel dat volgend jaar verschijnt, zal de Raad uitgebreider ingaan op de problematiek rondom het beheer en behoud van objecten en verzamelingen.
Het volledige advies is te vinden op www.cultuur.nl
Persbericht: Vereniging Rembrandt onaangenaam verrast door verkoop voormalige Scheringa collectie.
Het bericht van de curator, CMS Derks Stars Busman, dat de Deutsche Bank de voormalige Scheringa collectie verkoopt, zonder een poging te doen die delen van de collectie die van belang zijn voor het Nederlands openbaar kunstbezit te behouden, heeft de Vereniging Rembrandt onaangenaam verrast.
Na het eerste bericht in juli 2011 waarin de curator aangaf om de Scheringa collectie in delen te verkopen, heeft de Vereniging Rembrandt(VR) aangegeven haar expertise, als onafhankelijk en objectief instituut, in te willen zetten om zo, samen met de Nederlandse musea een shortlist samen te stellen van werken die een belangrijke meerwaarde zouden zijn voor het Nederlands openbaar kunstbezit.
Dit initiatief heeft geleid tot een bijzonder overleg: een achttal musea heeft in alle openheid zijn wensen aan de VR kenbaar gemaakt. Vervolgens is in samenspraak tussen die Nederlandse musea en de Vereniging Rembrandt een lijst samengesteld van 22 van de circa 1300 werken die volgens dit overleg behouden zouden moeten worden voor het Nederlands openbaar kunstbezit. Het gaat hier om belangrijke werken van o.a. Pyke Koch, Edgar Fernhout, Jan Mankes, Raoul Hynckes, Wim Schumacher en Carel Willink. Vanaf het eerste gesprek met de curator is duidelijk gemaakt dat alles in het werk gesteld zou worden ook de benodigde financiële inspanningen te leveren om deze 22 werken te kunnen behouden.
Afgezien van het feit dat de curator niet de moeite heeft genomen op dit initiatief te antwoorden is het voor de Vereniging Rembrandt zeer teleurstellend dat de curator en de Deutsche Bank er op voorhand van zijn uit gegaan dat de 22 genoemde werken via de door hun gekozen weg meer zullen opbrengen dan wat de Nederlandse musea zouden kunnen bieden.
De mededeling dat de aspirant koper zich verplicht heeft gedurende enige tijd niet te verkopen en de collectie via musea voor het publiek toegankelijk te maken doet aan deze grote teleurstelling niets af.
Persbericht: VERENIGING REMBRANDT HELPT “Huwelijksnacht van Sarah en Tobias” DOOR JAN STEEN TE BEHOUDEN
Den Haag, 17 augustus 2011 Mede dankzij de Vereniging Rembrandt en haar BankGiro Loterij Aankoopfonds is de “Huwelijksnacht van Sarah en Tobias” door Jan Steen behouden voor Museum Bredius, waarmee recht gedaan is aan het legaat van Bredius. Met deze steun geeft de Vereniging Rembrandt inhoud aan haar doelstelling, die niet alleen het uitbreiden en verrijken van het Nederlands openbaar kunstbezit geldt, maar ook het behoud van (openbaar) Nederlands kunstbezit tot haar taak rekent.
In 1907 werd de rechterhelft van dit schilderij verworven door Abraham Bredius. Op dat moment werd het schilderij als een zelfstandig werk van Jan Steen beschouwd; dat het hier om de rechterhelft van een groter geheel ging werd pas veel later ontdekt. Vervolgens werden in 1996 de twee helften weer aan elkaar gezet, maar toen de linkerhelft in 2006 werd toegewezen aan de erven Goudstikker, kwam ook het behoud van het door Bredius gelegateerde deel in gevaar.
Abraham Bredius (1855-1946) was eind 19de en begin 20ste eeuw één van de belangrijkste weldoeners van het openbaar Nederlands kunstbezit, onder meer door zijn talloze schenkingen aan het Rijksmuseum en andere musea, door zijn indrukwekkend legaat van 25 schilderijen aan het Mauritshuis en door de legatering van zijn privé verzameling aan de Gemeente Den Haag . Met dit laatste legaat wilde Bredius zeker stellen dat zijn verzameling altijd en voor iedereen te bezichtigen zou zijn.
Het behoud van dit schilderij heeft voor de vereniging extra waarde aangezien Bredius naast zijn ruimhartige en doeltreffende bijdrages aan het openbaar Nederlands kunstbezit ook oud bestuurslid en erelid van de Vereniging Rembrandt is.
Persbericht: VERENIGING REMBRANDT BETREURT VERKOOP DUMAS
Den Haag, 29 juni 2011 De Vereniging Rembrandt heeft met zorg geconstateerd dat museumgoudA de voorgenomen verkoop van het schilderij “The Schoolboys” van Marlene Dumas heeft doorgezet. Het museumgoudA heeft zich immers niet gehouden aan de Leidraad voor afstoting van museale objecten(LAMO) door het werk niet eerst tegen een, in overleg overeen te komen, bedrag aan een Nederlands museum aan te bieden. Het museum heeft het werk daarentegen zonder overleg direct aan een veilinghuis ter verkoop aangeboden. Hoewel overheidsbezuinigingen nooit het argument mogen zijn om tot verkoop van de openbare collectie over te gaan heeft museumgoudA het besluit genomen te verkopen als onderdeel van een package deal met de gemeente Gouda. Hierdoor was het genomen besluit ook onherroepelijk en blijkt de LAMO voor museumgoudA niet meer te zijn dan een richtlijn.
De Vereniging Rembrandt geeft alleen steun aan officieel geregistreerde musea. Deze registratie kan alleen verkregen worden als het museum ook de richtlijnen van de LAMO onderschrijft. Voor de Vereniging Rembrandt betekent dit dat een museum zich altijd heeft te houden aan deze leidraad. Slechts als alle stappen daadwerkelijk zijn gezet kan de LAMO leiden tot vervreemding van het werk uit eigen collectie en wellicht ook tot vervreemding uit het Nederlands openbaar kunstbezit.
Een werk, aangekocht met financiële steun van de Vereniging Rembrandt, kan niet vervreemd worden uit het Nederlands openbaar kunstbezit. In de schenkingsovereenkomst tussen vereniging en museum verbindt het museum zich het kunstwerk “ in voortdurende eigendom te behouden”. En zelfs als er sprake is van sluiting of opheffing van een museum, dan is voor de overgang van eigendom van het kunstwerk toestemming van de Vereniging Rembrandt vereist.
De Vereniging Rembrandt zal overwegen in het vervolg ook in de schenkingsovereenkomst op te nemen dat alleen financiële steun gegeven wordt als het museum zich verplicht de LAMO te volgen.
Persbericht Boijmans Van Beuningen:
Marcel Broodthaers
Une vipère, un vampire, une vitre
Tot en met 14 augustus 2011
Museum Boijmans Van Beuningen toont deze zomer het werk ‘Une vipère, un vampire, une vitre’ (1974) van de Belgische conceptuele kunstenaar Marcel Broodthaers. Het werk vormt een wezenlijke aanvulling op de andere werken van Broodthaers in de museumcollectie.
De nieuwe aanwinst, in 2010 met steun van de Vereniging Rembrandt verworven, bestaat uit een koffer met een schilderij erboven met daarop de tekst ‘Une vipère, un vampire, une vitre’ geschilderd. Dit sleutelwerk is een typerend voorbeeld van de kunstenaars spel met woorden, objecten en het begrip kunst. Deze aanwinst is samen met drie andere werken van Marcel Broodthaers (1924-1976) deze zomer te zien in Museum Boijmans Van Beuningen.
Vier V’s
Het schilderij heeft wel iets weg van een ABC-lesje. Op het eerste gezicht lijkt het werk ‘Une vipère, un vampire, une vitre’ daardoor kinderlijk onschuldig, maar dit staat in contrast met de duistere betekenis van de woorden. De woorden (vertaald: ‘Een adder, een vampier, een raam’) refereren aan negatieve menselijke eigenschappen: ‘vipère’ betekent lasteraar en ‘vampire’ uitzuiger. De openstaande koffer, die zelf de vierde letter V van ‘valise’ (vertaald: ‘koffer’) vormt, maakt de bezoeker uiterst nieuwsgierig naar de inhoud. De kunst van Broodthaers, die doorspekt is met woordgrapjes en cryptische verwijzingen, geeft zijn betekenis echter nooit zomaar prijs.
Woord, beeld en object
Marcel Broodthaers was destijds gefascineerd door woorden, tekens en nummers: “Ik werd achtervolgd door een schilderij van Magritte waarop woorden zijn afgebeeld. Bij Magritte is er die tegenstelling tussen het geschilderde woord en het geschilderde object, een ondermijning van het taalteken en het geschilderde...”. Broodthaers nam de volgende stap door aan het geschilderde woord en beeld een beschilderd object toe te voegen.
Broodthaers en de museumcollectie
De eerste werken van Marcel Broodthaers, waaronder een serie van negen schilderijen getiteld ‘Petrus Paulus Rubens’ werden door Museum Boijmans Van Beuningen in 1973 aangekocht. Na zijn overlijden organiseerde het museum in 1981 een grote solotentoonstelling rondom zijn werk. Deze tentoonstelling was aanleiding voor de verwerving van veertien films. Deze verzameling films is uniek in Nederland. Naast het werk van Broodthaers bevat de museumcollectie werk van belangrijke inspiratoren van Broodthaers, zoals René Magritte en Marcel Duchamp. Daarnaast verzamelt het museum werk van andere conceptuele kunstenaars en van tijdgenoten uit verschillende stromingen, zoals het Amerikaanse pop-art en de Nederlandse Nul-Beweging.
Persbericht: BANKGIRO LOTERIJ DE CULTUURLOTERIJ
VVD-kamerlid Bart de Liefde pleit vandaag in verschillende media voor een speciale loterij voor cultuur. Met de opbrengst daarvan zouden extra middelen voor de culturele sector beschikbaar komen.
“Het goede nieuws is dat er al een cultuurloterij bestaat die dit jaar zelfs haar 50e verjaardag viert: de BankGiro Loterij. Meer dan 750.000 Nederlanders doen maandelijks mee, de helft van hun inleg gaat naar cultuur. In 2010 brachten deze deelnemers 60 miljoen euro bij elkaar voor cultuur en cultureel erfgoed in Nederland. Dit geld verdelen wij onder ruim 50 nationale en regionale musea, molens en monumenten en komt via fondsen als het Prins Bernhard Cultuurfonds en Stichting DOEN terecht bij een breed scala aan culturele initiatieven”, aldus Sigrid van Aken, managing director van de BankGiro Loterij.
De BankGiro Loterij steunt op deze manier dankzij haar meer dan 750.000 deelnemers onder andere het Rijksmuseum, het Nederlands Openluchtmuseum, de Museum Plus Bus (die ouderen naar musea brengt), het Drents Museum, het Jeugdcultuurfonds (dat helpt kinderen bijvoorbeeld danslessen te laten volgen) en het Leerorkest (waar kinderen leren een muziekinstrument te bespelen).
De steun van de BankGiro Loterij werkt vaak als vliegwiel voor het aantrekken van andere private en publieke middelen: als de BankGiro Loterij een bijdrage geeft aan organisaties of initiatieven volgen vaak andere fondsen en overheden. De Hermitage Amsterdam is hier een goed voorbeeld van.
De BankGiro Loterij betrekt haar deelnemers actief bij cultuur. Bijvoorbeeld door het verloten van Museumkaarten. Ook maken deelnemers kans op toegangskaarten voor musea, musicals, tentoonstellingen en cultuurreizen.
“In deze tijden van overheidsbezuinigingen zijn particuliere bijdragen extra belangrijk. In de afgelopen vijf jaar is het de BankGiro Loterij gelukt haar steun aan cultuur te verdubbelen. Wij hebben de ambitie dat de komende vijf jaar weer te verdubbelen. Wij gaan er van uit dat, nu het kansspelbeleid wordt gemoderniseerd, deze ruimte er ook komt. Goed te horen dat ook de heer De Liefde daarvoor zal gaan pleiten”, aldus Van Aken.
Persbericht: VERENIGING REMBRANDT HOOPT DAT TOP VAN COLLECTIE SCHERINGA VOOR NEDERLAND BEHOUDEN BLIJFT
Den Haag, 9 mei 2011 Met zorg heeft de Vereniging Rembrandt kennis genomen van het besluit van de curatoren van DSB de voormalige kunstcollectie van Scheringa in delen te verkopen. Dit is – na de veiling van de Stuyvesant collectie – de tweede keer binnen kort tijdsbestek dat een kunstcollectie van museale ambitie en kwaliteit voor Nederland verloren dreigt te gaan.
Nu het niet gelukt is één koper te vinden voor de gehele collectie doet de Vereniging Rembrandt een dringend beroep op de curatoren van DSB een moratorium in te stellen. Alleen dan kan een laatste poging ondernomen worden – steun van de overheid is hierbij onontbeerlijk – om die delen van de collectie die van groot belang zijn voor het Nederlands openbaar kunstbezit te behouden.
De Vereniging Rembrandt zal, als objectief en onafhankelijk instituut, haar expertise graag voor deze goede zaak inzetten.
Martijn Sanders
voorzitter Vereniging Rembrandt
Lees ook het persbericht 'VERENIGING REMBRANDT BETREURT VEILING VAN PETER STUYVESANT COLLECTIE'