Skip over navigation | Sla menu over

Waarom gesteund?

16 november 2016: Museum de Fundatie presenteert een schilderij van Neo Rauch

 

Waarom gesteund door de Vereniging Rembrandt: De Duitse kunstenaar Neo Rauch wordt gerekend tot de grootste Duitse schilders van dit moment. Al vrij vroeg in zijn carrière, in 2002, won hij de internationale ‘Vincent Award’, wat resulteerde in een solotentoonstelling in het Bonnefantenmuseum in Maastricht. Mede door deze erkenning werd de Leipziger Schule, die het sociaal realisme een opmerkelijke twist gaf, internationaal een begrip.
Rauch becommentarieert in zijn werk op persoonlijke en associatieve wijze de complexiteit van het leven in de 20ste- en 21ste-eeuwse maatschappij. Gewitterfront is een representatief werk, waarin Rauch onder andere verwijst naar Die Blechtrommel, de knieval van Willy Brandt in het getto van Warschau en de vleugels van de motten van Goethe. Hoewel het internationale belang van de schilderkunst van Neo Rauch ook in Nederland wordt erkend, is zijn werk in Nederlandse musea slechts beperkt vertegenwoordigd. De aanwinst is een fundamentele verrijking van de collectie van Museum de Fundatie, dat zich de laatste jaren nadrukkelijk profileert als huis voor Duitse kunst.

De aankoop van Gewitterfront is mede mogelijk gemaakt door de Vereniging Rembrandt, mede dankzij haar Titus Fonds.  

Samenstelling: Feico Hoekstra, Museum de Fundatie

Neo Rauch (Leipzig 1960)

2016

Gewitterfront

olieverf op doek, 150 x 100 cm

c/o Pictoright Amsterdam/Museum de Fundatie, Zwolle en Heino/Wijhe. Aangekocht met steun van de Vereniging Rembrandt in 2016.

Als exponent van de Neue Leipziger Schule werkt Neo Rauch in een zeer eigen stijl, waarin traditie en moderniteit op virtuoze wijze zijn geïntegreerd. Rauch spiegelt zijn publiek de wereld voor als een theater met zelfverzonnen decors en figuren die een rol spelen in een verhaal dat geschiedenis en actualiteit onlosmakelijk met elkaar verbindt. Gewitterfront refereert aan zowel Die Blechtrommel van Günter Grass als de iconische knieval van Willy Brandt in het getto van Warschau in 1970, als symbolische boetedoening voor de Jodenvervolging door de nazi’s.

Gewitterfront

Neo Rauch (Leipzig 1960)

2005

Der Vorhang

olieverf op doek, 275 x 424.5 cm

c/o Pictoright Amsterdam/Stedelijk Museum Amsterdam

Neo Rauch behoort tot de Neue Leipziger Schule. Deze schilders kregen hun opleiding in de DDR, maar maakten carrière in het verenigde Duitsland van na de val van de Muur in 1989. Het werk van Rauch wortelt in de westerse kunsttraditie en laat een synthese zien van romantiek en surrealisme. Der Vorhang is een goed voorbeeld van de manier waarop hij als in een bizar toneelstuk heden en verleden met elkaar verbindt. Het schilderij weerspiegelt de worsteling van de kunstenaar met zijn (Oost-)Duitse identiteit.

Der Vorhang

A.R. Penck (Dresden 1939)

1968

Zonder titel

Olieverf op doek (10 delig), 277.5 x 894.5 cm

c/o Pictoright Amsterdam/Stedelijk Museum Amsterdam

A.R. Penck probeerde eind jaren 50 tevergeefs toegang te krijgen tot de kunstacademies van Dresden en Berlijn. Zelf weet hij dit aan politieke tegenwerking. Nadat hij in 1966 ook werd afgewezen voor het lidmaatschap van de Oost-Duitse kunstenaarsbond toonde hij zich in toenemende mate maatschappijkritisch. Vanaf 1969 kreeg hij in West-Duitsland wel erkenning. Dit werk in de collectie van het Stedelijk Museum dateert van vlak voor die tijd. Het laat zich lezen als Egyptische hiërogliefen, waarin Pencks maatschappijkritiek weliswaar verhuld is, maar tegelijkertijd niet te misverstaan.

Zonder titel

Werner Tübke (Schönebeck 1929 – Leipzig 2004)

1970

Meisjesportret

aquarel op papier, 59,2 x 48,3 cm

c/o Pictoright Amsterdam/Museum de Fundatie, Zwolle en Heino/Wijhe

Werner Tübke geldt als de belangrijkste schilder van de DDR. Met Wolfgang Mattheuer en Bernhard Heisig vormde hij de Leipziger Schule. Zijn eerste staatsopdrachten dateren van de jaren 50. Tübke’s werk voor de DDR maakte hem omstreden, maar hij was geen propagandakunstenaar. Door actuele onderwerpen te vertalen naar tijdloze allegorieën in een historiserende stijl tilde hij zijn kunst boven de politiek uit. Meisjesportret is een voorstudie voor Arbeiterklasse und Intelligenz, een opdracht van de Karl-Marx-Universität in Leipzig. Het portret wordt ook wel de Mona Lisa van Leipzig genoemd.

Meisjesportret

Peter Angermann (Rehau 1945)

1979

Saale-Tal

olieverf op doek, 170 x 200 cm

c/o Pictoright Amsterdam/Centraal Museum, Utrecht

In 1969 was Peter Angermann een van de oprichters van YIUP-Gruppe, die de overdreven verering van kunstenaars bekritiseerde, in het bijzonder van Joseph Beuys, zijn docent op de kunstacademie van Düsseldorf. Angermann wilde de zogenaamd achterhaalde schilderkunst in ere herstellen. Met zijn expressionistische doeken toonde hij zich zeer maatschappelijk betrokken. Saale-Tal lijkt een min of meer een neutraal landschap, dat door het tekstbord achter prikkeldraad echter een politieke lading krijgt: “Die UDSSR und die DDR bleiben in ewiger Freundschaft verbunden.”

Saale-Tal

Martin Kippenberger (Dortmund 1953 – Wenen 1997)

1993-1994

Zonder titel

aluminium, lakverf en glas, 235 x 180 x 50 cm

© Estate Martin Kippenberger
Collectie Museum Boijmans Van Beuningen, Rotterdam

Het veelzijdige oeuvre van Martin Kippenberger bestaat uit schilderijen, tekeningen, foto’s, sculpturen en installaties. Kippenbergers werk moet gezien worden als een provocerend en cynisch commentaar op de in zijn ogen decadente kunstwereld. In 1984 schilderde hij Ich kann beim besten Willen kein Hakenkreuz entdecken, waarin een verzameling balken zodanig is weergegeven dat er inderdaad nergens een compleet hakenkruis wordt gevormd. Iets vergelijkbaars is er aan de hand bij deze sculptuur. Het beeld stelt een kerstman voor, maar iedereen ziet tegelijkertijd een hakenkruis.

Zonder titel

Creditline

De aankoop van Gewitterfront is mede mogelijk gemaakt door:

De BankGiro Loterij

De Vereniging Rembrandt

Het Mondriaan Fonds

VSBfonds

Creditline
← Ga terug