Skip over navigation | Sla menu over

Waarom gesteund?

5 juli 2017: Rijksmuseum van Oudheden presenteert het bronzen Zwaard van Ommerschans

 

Waarom gesteund door de Vereniging Rembrandt: Het bronzen Zwaard van Ommerschans is een aankoop waar het Rijksmuseum van Oudheden in Leiden al meer dan 90 jaar van droomde. Verschillende keren probeerde het museum tevergeefs het bijzonder grote rituele zwaard te bemachtigen. Maar afgelopen zomer ging deze lang gekoesterde wens dan toch in vervulling. Het zwaard van Ommerschans is een van de topvondsten uit de bronstijd. Dit exemplaar is ook het grootste en meest fraaie van alle ceremoniële ‘reuzenzwaarden’ uit de prehistorie. De aankoop is extra bijzonder vanwege de bijgiften bij het zwaard (kleine gebruiksvoorwerpen die waarschijnlijk met uiterlijke verzorging van krijgers en met het vak van bronsgieter te maken hadden, zoals beiteltjes, spiraaltjes, ruw brons en een scheermes). De bijgiften zijn cruciaal omdat ze wellicht de sleutel vormen om de context van deze groep bijzondere zwaarden beter te begrijpen. Wetenschappelijk gezien is de vondst van Ommerschans dan ook nog interessanter dan alle andere zwaarden van dit type. Dit zwaard is zonder twijfel de belangrijkste vondst uit de bronstijd in Nederland en nu voor iedereen te bewonderen in Leiden.

Het Zwaard van Ommerschans is aangekocht met steun van de Vereniging Rembrandt, mede dankzij haar Eleonora Jeuken-Tesser Fonds.

Samenstelling: Luc Amkreutz, conservator Nederlandse prehistorie, Rijksmuseum van Oudheden

ca. 1500-1350 v.Chr.

Het zwaard van Ommerschans

Brons, 68.3 x 18.6 cm

Rijksmuseum van Oudheden, aangekocht met steun van de Vereniging Rembrandt in 2017.

Het zwaard van Ommerschans dateert uit de bronstijd tussen c. 1500 en 1350 v.Chr. Het is een van slechts zes zwaarden van dit type die zeer sterk op elkaar lijken. De zwaarden zijn groot, zwaar, niet geslepen, zonder gevest en ze zijn zeer precies versierd. Het zijn ceremoniële ‘reuzenzwaarden’ die nooit bedoeld zijn om mee te vechten, maar eerder symbool staan voor zogenaamde martiale ‘krijgers’-zwaarden. De sterk gelijkende zwaarden zijn mogelijk binnen korte tijd op één plek gemaakt. Daarna raakten ze verspreid over Engeland, Frankrijk en Nederland. Uiteindelijk werden ze geofferd.

Het zwaard van Ommerschans

ca. 1500-1350 v.Chr.

De depotvondst van Ommerschans

Brons, steen en vuursteen (diverse afmetingen)

Het zwaard van Ommerschans maakt deel uit van een zogenaamde ‘depotvondst’. Het werd samen met kleine stenen en bronzen werktuigjes zoals beiteltjes, priemen en een scheermes gevonden. De kleine objecten zouden op het zwaard hebben gelegen. Het scheermes en het zwaard symboliseren mogelijk krijgerswaarden, terwijl de werktuigjes misschien duiden op de werkzaamheden van een bronsgieter. De stukken werden in 1896 in het veen bij Ommerschans gevonden. Daar zijn ze vele millennia eerder gedeponeerd, of ‘geofferd’ in het water. Zeer waarschijnlijk een kostbare gift aan de goden- of ideeënwereld. Offers van wapens en sieraden zijn zeer gebruikelijk in het Europa van de bronstijd.

De depotvondst van Ommerschans

ca. 1500-1350 v.Chr.

Het zwaard van Jutphaas

Brons, 42.5 x 12.8 cm

Het zwaard van Jutphaas is het ‘kleinere zusje’ van het zwaard van Ommerschans. Het werd in 1947 ontdekt door baggerwerkzaamheden in een arm van de Rijn bij Nieuwegein en sierde jarenlang een jongenskamer voor werd ontdekt hoe bijzonder het was. Het zwaard is het andere Nederlandse exemplaar uit deze groep van slechts zes ceremoniële ‘reuzenzwaarden’. Bijzonder is dat het zwaard van Jutphaas met 42 cm een stuk kleiner is dan de overige exemplaren, maar in vorm en verhoudingen een exacte kopie. Hoe het stuk eruit zag was dus van groot belang. Ook Jutphaas werd in de bronstijd  ‘geofferd’ in het water.

Het zwaard van Jutphaas

ca. 1200-1100 v.Chr.

Het zwaard van Buggenum

Brons, 68.5 cm

Dit zwaard is een zogenaamd Vielwülstvol-griffschwert. De kling en het gevest zijn uit brons vervaardigd. Het gevest is prachtig versierd met spiraalmeanders, die ook de bovenzijde van de gevestplaat sieren. Aan de klingzijde lijkt er sprake van een gestileerd gezicht. Dergelijke zwaarden komen vooral in het Donaugebied in Oostenrijk en Beieren voor. Het stuk is dus ver gereisd en was waarschijnlijk een kostbaar uitwisselingsobject. Hoewel het zwaard prima gebruikt kon worden om te vechten is dat nooit gebeurd. In plaats daarvan werd het ongebruikt geofferd door het in de Maas achter te laten. Daar werd het in 1964 bij Buggenum opgebaggerd.

Het zwaard van Buggenum

ca. 750-650 v.Chr.

Het vorstengraf van Oss

Brons, ijzer, steen, hout, textiel, bot
(diverse afmetingen).

Een van de topstukken van de Nederlandse archeologie werd in 1933 door het RMO opgegraven: het vorstengraf van Oss. Dit graf bevat een situla (een mengvat voor het symposion) met daarin crematieresten, paardentuig, sieraden, werktuigen en een scheermes. Pronkstuk is het indrukwekkende, opgerolde ijzeren Mindelheim-zwaard, versierd met bladgoud en gewikkeld in kostbaar textiel. Opgerold paste het in de emmer, maar dit lijkt eerder een zorgvuldige rituele handeling te zijn geweest. Misschien werd de kracht van het zwaard geneutraliseerd? De eigenaar was een belangrijke leider. Het zwaard en de emmer komen uit het Oostenrijks-Duitse Hallstatt-gebied. Het graf werd ingegraven in een enorme grafheuvel uit de bronstijd.

Het vorstengraf van Oss

ca. 2280-2130 v.Chr.

Het wiel van Steenwijk

Eikenhout, diameter 92 cm

In Nederland wordt het wiel vanaf ca. 2600 v.Chr. gebruikt, maar elders in Europa zijn vondsten van wielen soms 1000 jaar ouder. Massief als ze zijn dienden ze waarschijnlijk voor karren die door ossen werden voortgetrokken. Dat duidt op transport, productie en surplus en dus ook op de aanleg van geschikte paden en wegen, bijvoorbeeld met behulp van rondhout en planken door gevaarlijke, natte veengebieden. Het eerste ‘stratenpatroon’ van Europa kreeg hier dus een aanvang. Het wiel van Steenwijk is bijzonder. Het is namelijk nooit gebruikt en zeer waarschijnlijk in het veen geofferd. Misschien wel ten behoeve van een veilige reis.

Het wiel van Steenwijk

ca. 250-0 v.Chr.

De torque van Heerlen

Goud, diameter 142-162 mm

Dit gouden halssierraad is een zogenaamde torque. Ze vormden een statussymbool van de Keltische elite in de eeuwen voor het begin van onze jaartelling. Dit is het moment waarop we ijzertijd-stammen leren kennen uit historische bronnen zoals Caesars De Bello Gallico. Denk daarbij aan Vercingetorix van de Arverni of Ambiorix van de Eburonen. De komst van de Romeinen betekende vaak jarenlange strijd en uiteindelijk onderwerping. Mogelijk werd dit halssieraad in die roerige tijd verstopt of geofferd. Oorspronkelijk was het zelfs helemaal opgerold. Bij werkzaamheden in een tuin in Heerlen werd het opgespit, maar verder onderzoek leverde niets op.

De torque van Heerlen

De sierschijf van Helden

Zilver, diameter 21 cm

Deze decoratieve schijf van een harnas voor ruiter of paard werd in de 19de eeuw in het veengebied van Noord-Limburg gevonden. De schijf is van verguld zilver en met een gedreven versiering. De voorstelling is mythologisch. Een knielende man is in gevecht met een leeuw, geflankeerd door leeuwen, honden en  een ram. Zeer waarschijnlijk gaat het hier om Hercules die in gevecht is met de Nemeïsche leeuw. Het stuk is oorspronkelijk gemaakt in Thracie (het huidige Bulgarije en Roemenië) en kwam in onze streken terecht door uitwisseling, of misschien met de eerste Romeinse huurlingen. Dit zeldzame object werd waarschijnlijk doelbewust in het veen geofferd.

De sierschijf van Helden

Creditline

Deze aankoop werd mede mogelijk gemaakt door:

De Vereniging Rembrandt

Het Mondriaan Fonds

De BankGiro Loterij

Creditline
← Ga terug