Skip over navigation | Sla menu over

Waarom gesteund?

10 mei 2012: Van Gogh Museum verwerft vroege waterverftekening van Vincent van Gogh

 

Waarom gesteund door de Vereniging Rembrandt: “Ik heb dien ouden kanjer van een knotwilg nog geattaqueerd en ik geloof dat dat de beste van de aquarellen is geworden”, zo schrijft Vincent aan zijn broer Theo vanuit Den Haag op 31 juli 1882. Knotwilg is binnen het vroege werk van Van Gogh één van de eerste ambitieuze waterverftekeningen.Tot de zomer van 1882 was Van Gogh nog terughoudend met schilderen en het gebruik van kleur omdat hij zich eerst wilde bekwamen in het tekenen. In juli 1882 maakte hij voor het eerst een aantal volwaardige waterverftekeningen en zocht een manier om tekenen en schilderen, lijn en kleur, harmonisch met elkaar samen te laten gaan. Knotwilg behoort tot die groep en toont de artistieke en technische ontwikkeling van Vincent van Gogh. Met deze aankoop is deze ontwikkeling voor het eerst ook te zien in het Nederlands openbaar kunstbezit.

Vincent van Gogh

Zundert, 1853 – Auvers-sur-Oise, 1890

Aardappelschillende vrouw, september-oktober 1881

Zwart krijt, pen in inkt, zwart en grijs gewassen, dekkende waterverf, op vergépapier, 59,9 x 47,6 cm

Collectie Kröller-Müller Museum, Otterlo

In juni 1881 in Etten las Van Gogh het handboek Traité d’aquarelle van Armand-Théophile Cassagne (1823-1907). Enige tijd later kreeg hij van zijn oom Cent, een belangrijk kunsthandelaar, een doos waterverf cadeau. In de daaropvolgende maanden begon Van Gogh met waterverf te experimenteren en combineerde dit medium daarbij consequent met andere tekenmaterialen. Aardappelschillende vrouw is hier een duidelijk voorbeeld van: het is feitelijk een studie in inkt en krijt die Van Gogh hier en daar inkleurde met dekkende waterverf.

Aardappelschillende vrouw, september-oktober 1881

Vincent van Gogh

Zundert, 1853 – Auvers-sur-Oise, 1890

Scheveningse vrouw, november-december 1881

Potlood en transparante waterverf op aquarelpapier, 23,4 x 9,8 cm

Collectie Van Gogh Museum, Amsterdam (Vincent van Gogh Stichting)

Eind november 1881 reisde Van Gogh vanuit Etten naar Den Haag om drie weken bij de Haagse Schoolkunstenaar Anton Mauve – Van Goghs aangetrouwde neef – in de leer te gaan. In diens atelier maakte Van Gogh zijn eerste studies in olieverf en ook leerde Mauve hem aquarelleren. Scheveningse vrouw ontstond tijdens deze leertijd bij Mauve en laat zien dat de kunstenaar sinds Aardappelschillende vrouw technische vooruitgang had geboekt. In plaats van een tekening in te kleuren is deze studie, op een paar dunne potloodlijnen na, opgebouwd uit vlakken transparante waterverf.

Scheveningse vrouw, november-december 1881

Vincent van Gogh

Zundert, 1853 – Auvers-sur-Oise, 1890

Landweg, maart-april 1882

Potlood, pen en penseel in bruine inkt, witte dekkende waterverf, op vergépapier, 24,6 x 34,4 cm

Collectie Van Gogh Museum, Amsterdam (Vincent van Gogh Stichting)

Eind december 1881 verhuisde Van Gogh naar Den Haag. Ondanks aanmoedigingen vanuit zijn omgeving in kleur te gaan werken, richtte hij zich aanvankelijk liever op het oefenen in de weergave van perspectief, anatomie en proportie, en werkte daarbij voornamelijk in potlood en pen in inkt. Landweg is een duidelijk en geslaagd voorbeeld van zo’n oefening in perspectief: de weg, de bomen en de rieten omheiningen hebben hun verdwijnpunt op de horizon. De compositie en ruimtewerking in deze tekening anticiperen op die in Knotwilg.

Landweg, maart-april 1882

Vincent van Gogh

Zundert, 1853 – Auvers-sur-Oise, 1890

Gasfabriek, maart 1882

Potlood, penseel in bruine (ooit zwarte) inkt, witte dekkende waterverf, op vergépapier, 23,8 x 33,8 cm

Collectie Van Gogh Museum, Amsterdam

Aangekocht in 1980 met de steun van de Vereniging Rembrandt

Van Gogh was bijzonder opgetogen toen hij in maart 1882 van zijn oom Cor – een kunsthandelaar uit Amsterdam – de opdracht ontving twaalf Haagse stadsgezichten te tekenen. Hij zou er tweeëneenhalve gulden per stuk voor krijgen, waarvan hij zijn dagelijks brood en een model zou kunnen betalen. Elke dag maakte hij een tekening, waaronder Gasfabriek, die voor de beginnende kunstenaar vooral een oefening in perspectief betekende. De fabriek is redelijk gedetailleerd weergegeven, maar de voorgrond is met vlugge potlood- en inktstrepen neergezet.

Gasfabriek, maart 1882

Vincent van Gogh

Zundert, 1853 – Auvers-sur-Oise, 1890

Timmermansloods en wasserij, eind mei 1882

Potlood, zwart krijt, pen en penseel in zwarte inkt, bruin gewassen, dekkende waterverf, op vergépapier, 28,6 x 46,8 cm

Collectie Kröller-Müller Museum, Otterlo

Na de voltooiing van de eerste opdracht, ontving Van Gogh wederom een opdracht van zijn oom Cor: zes rijk gedetailleerde Haagse stadsgezichten. Kennelijk was zijn oom redelijk tevreden over de eerste twaalf tekeningen, maar vond hij deze niet voldoende uitgewerkt. Timmermansloods en wasserij behoort tot de tweede opdracht en toont een levendig uitzicht vanuit Van Goghs atelier aan de Schenkstraat. In de voorgrond is de dagelijkse bedrijvigheid van de timmerwerkplaats en wasserij minutieus weergegeven, en rechts in de verte zijn de remisegebouwen van station Rijnspoor zichtbaar, die Van Gogh eveneens afbeeldde in Knotwilg. Van Gogh tekende hier vooral in potlood, inkt en krijt en gebruikte alleen waterverf om lichte accenten te plaatsen.

Timmermansloods en wasserij, eind mei 1882

Vincent van Gogh

Zundert, 1853 – Auvers-sur-Oise, 1890

Brief van Vincent aan Theo van Gogh, 26 juli 1882

Collectie Van Gogh Museum, Amsterdam (Vincent van Gogh Stichting)

Van Gogh schreef op 26 juli 1882 aan zijn broer Theo over een van zijn wandeltochten in de omgeving van zijn huis: ‘Ik heb een dooden knotwilgenstam gezien daar – net een ding voor Barye b.v., hij hing over een waterplas met riet – heel alleen & melankoliek en zijn bast was om zoo te zeggen geschubd & bemost en met verschillende toonen gevlekt & gemarmerd – zoo iets als een slangenhuid, groenachtig, geelachtig, grootendeels dof zwart. Met witte afgeschilferde plekken en stompen takken. Ik ga hem morgen ochtend aanvallen.’

Brief van Vincent aan Theo van Gogh, 26 juli 1882

Vincent van Gogh

Zundert, 1853 – Auvers-sur-Oise, 1890

Knotwilg, Juli 1882

potlood, pen in inkt, krijt en waterverf op aquarelpapier, 38,1 x 55,9 cm

Collectie Van Gogh Museum, Amsterdam

Aangekocht in 2012 met steun van de Vereniging Rembrandt

Het bijzondere aan Knotwilg is onder andere de overtuigende combinatie van schilder- en tekenachtige effecten. Zo maakte Van Gogh voor de weergave van de regenlucht, het water met kroos en het natte pad gebruik van de kleurnuances en het vloeibare karakter van waterverf. Voor de detaillering van de knotwilg en de achtergrond – waar de remisegebouwen van station Rijnspoor, een seinwachter en een aantal molens te zien zijn – gebruikte Van Gogh tevens tekenmaterialen als potlood en pen in inkt, die zich beter lenen voor precisie.

Knotwilg, Juli 1882

Vincent van Gogh

Zundert, 1853 – Auvers-sur-Oise, 1890

Brief van Vincent aan Theo van Gogh, 31 juli 1882

Collectie Van Gogh Museum, Amsterdam (Vincent van Gogh Stichting)

In de eerstvolgende brief, vijf dagen later, kwam Vincent op de knotwilg terug: ‘Ik heb dien ouden kanjer van een knotwilg nog geattaqueerd en ik geloof dat dat de beste van de aquarellen geworden is. Een somber landschap – dien dooden boom bij een stilstaand met kroos bedekten plas, in ’t verschiet een remise van de Rijnspoor waar spoorlijnen elkaar kruisen, zwarte berookte gebouwen – verder groene weilanden, een kolenweg en een lucht waar de wolken jagen, graauw met een enkel schitterend wit randje en een diepte van blaauw daar waar de wolken zich scheuren even. Enfin ik heb ’t willen maken zóó als dunkt mij het baanwachtertje met zijn kiel & rood vlaggetje ’t zien & voelen moet als hij denkt: Wat is ’t triestig vandaag.’

Brief van Vincent aan Theo van Gogh, 31 juli 1882

Vincent van Gogh

Zundert, 1853 – Auvers-sur-Oise, 1890

Brief met briefschets van Vincent aan Theo van Gogh, 31 juli 1882

Schets in pen in inkt en waterverf

Collectie Van Gogh Museum, Amsterdam (Vincent van Gogh Stichting)

In de brief waarin Van Gogh Knotwilg beschreef, maakte hij een schets naar de waterverftekening, en voorzag deze ook van kleur. Hiermee liet hij aan Theo zien waar hij mee bezig was, de reden voor veel van zijn briefschetsen. Hij schreef erbij: ‘Dit is zoowat ’t effekt van den knotwilg maar in de aquarel zelf is geen zwart dan in gebroken toestand. Waar op dit schetsje het zwart ’t donkerst is zitten de grootste krachten in de aquarel – donkergroen, bruin, graauw.’

Brief met briefschets van Vincent aan Theo van Gogh, 31 juli 1882

Vincent van Gogh

Zundert, 1853 – Auvers-sur-Oise, 1890

Boomwortels in een zandgrond, april-mei 1882

Potlood, zwart krijt, penseel in inkt, bruin en grijs gewassen, dekkende waterverf, op aquarelpapier, 51,5 x 70,7 cm

Collectie Kröller-Müller Museum, Otterlo

Bomen, waaronder de knotwilg, zijn een terugkerend motief in Van Goghs tekeningen en schilderijen. In de grillige takken en knoestige stammen van bomen zag hij menselijke trekken weerspiegeld. Boomwortels in een zandgrond beschouwde hij als een pendant van de indringende figuurtekening Sorrow, zo schreef hij aan Theo op 1 mei 1882: ‘Nu heb ik getracht in het landschap ’t zelfde sentiment te leggen als in ’t figuur. het zich als ’t ware krampachtig en hartstogtelijk vastwortelen in de aarde en het toch half losgerukt zijn door de stormen.’

Boomwortels in een zandgrond, april-mei 1882

Vincent van Gogh

Zundert, 1853 – Auvers-sur-Oise, 1890

Gezicht op Scheveningen, zomer-herfst 1882

Potlood, transparante en dekkende waterverf, op vergépapier 43,1 x 59,7 cm

Collectie Van Gogh Museum, Amsterdam (Vincent van Gogh Stichting)

In de zomer en herfst van 1882 werkte Van Gogh regelmatig in en rondom Scheveningen. Deze waterverftekening met uitzicht op het vissersdorp ontstond vermoedelijk in die periode. De kunstenaar voltooide het blad niet: de detaillering is gebrekkig en de voorgrond is nog leeg, op enkele moeilijk te duiden penseelstreken na. De lijnen van het kwadraatnet, een hulpmiddel bij het weergeven van perspectief, zijn nog duidelijk zichtbaar. In voltooide bladen werkte de kunstenaar deze lijnen soms weg, zoals in Knotwilg, waar slechts wat sporen zichtbaar zijn.

Gezicht op Scheveningen, zomer-herfst 1882

Vincent van Gogh

Zundert, 1853 – Auvers-sur-Oise, 1890

De armen en het geld, september-oktober 1882

Zwart krijt en dekkende waterverf, pen in zwarte inkt, op velijnpapier, 37,9 x 56,6 cm

Collectie Van Gogh Museum, Amsterdam (Vincent van Gogh Stichting)

Aan het begin van zijn carrière oefende Van Gogh veelvuldig in de weergave van figuren. Vooral bij het tekenen van groepen mensen en de onderlinge proporties ging hij regelmatig de mist in. De armen en het geld is voor Van Goghs Haagse periode dan ook een opvallend goed getroffen groepscompositie. Tot de verwerving van Knotwilg was De armen en het geld de enige grote Haagse waterverftekening in de collectie van het Van Gogh Museum. De toepassing van de waterverf en de onderwerpen van beide tekeningen zijn onvergelijkbaar, maar de werken zijn desalniettemin elk op hun eigen manier overtuigend.

De armen en het geld, september-oktober 1882

Vincent van Gogh

Zundert, 1853 – Auvers-sur-Oise, 1890

Landschap met pad en knotwilgen, 9-31 maart 1888

Potlood, pen en rietpen in bruine inkt, op velijn papier, 25,8 x 34,7 cm

Collectie Van Gogh Museum, Amsterdam (Vincent van Gogh Stichting)

Een van de eerste tekeningen die Van Gogh in Arles maakte, is dit landschap met de door hem zo geliefde knotwilgen. Het blad ontstond bijna zes jaar na de waterverftekening Knotwilg, maar vertoont, ondanks het verschil in materiaal, opvallende overeenkomsten: het pad en de strook gras links daarvan hebben in beide werken vrijwel dezelfde vorm, evenals respectievelijk de sloot en het omheinde veld. Van Gogh schreef dan ook aan zijn broer Theo dat veel aspecten van het Zuid-Franse landschap ‘hetzelfde als in Holland’ zijn. [brief 610, Vincent aan Theo, 14 mei 1888]

Landschap met pad en knotwilgen, 9-31 maart 1888

Knotwilg, Vincent van Gogh,Van Gogh Museum 2012

Creditline

Van Gogh Museum, Amsterdam

BankGiroLoterij

Vereniging Rembrandt

VSB Fonds

Mondriaan Fonds

Creditline
← Ga terug