Skip over navigation | Sla menu over

Waarom gesteund?

16 september 2013: Keramiekmuseum Princessehof verwerft een Delfts aardewerken bloemenhouder

 

Waarom gesteund door de Vereniging Rembrandt: De bloemenhouder, die door Keramiekmuseum Princessehof is aangekocht, vormde één van de hoogtepunten op de tentoonstelling Vazen met tuiten in het Gemeentemuseum in Den Haag in 2007. Uit een overzicht in de catalogus van deze tentoonstelling bleek dat, van de aanwezige grote, min of meer volledige, gestapelde bloemenhouders, het merendeel zich in buitenlandse collecties bevindt. Het Nederlands openbaar kunstbezit is met de aanschaf van deze bloemenhouder dan ook in hoge mate verrijkt.
De bloemenhouder, geïnspireerd op vorm van de Franse tuinvaas, is uniek in zijn verschijning en voorzien van de initialen “LC”. Deze staan voor de naam Lambertus Cleffius waardoor de bloemenhouder met zekerheid is toe te schrijven aan één van de belangrijkste plateelbakkerijen van Delft: De Metaale Pot en bovendien nauwkeurig te dateren in de periode dat Cleffius eigenaar was: 1680-1691. Merken zoals deze zijn van groot belang voor het wetenschappelijk onderzoek naar de Delftse productie en deze vaas is exemplarisch voor het grote vakmanschap van De Metaale Pot in de laatste twee decennia van de zeventiende eeuw. Bloemenhouders behoren tot de iconen van de Delftse aardewerkproductie en deze recente aankoop is hier een leidend voorbeeld van.

Samenstelling: Jaap Jongstra, assistent-conservator Museum Princessehof

Plateelbakkerij De Metaale Pot, Delft

1685-1690

Bloemenhouder

Tinglazuur aardewerk met blauwe beschildering, hoogte 61 cm

Collectie Keramiekmuseum Princessehof

Aangekocht met steun van de Vereniging Rembrandt in 2013

De bloemenhouder, bestaande uit een vaas met deksel, is in basisvorm een tuinvaas op ingesnoerde voet met twee in reliëf gemodelleerde handvatten die eindigen in slangenkoppen. Op de schouder zijn zes tuiten aangebracht die ontspruiten aan in reliëf uitgevoerde maskers. Het deksel bestaat uit een omgekeerde komvorm waarop een vaasje is gemodelleerd. Op het deksel zijn zes kleinere tuiten aangebracht. Deze bloemhouder is uniek omdat er geen andere bloemhouders bekend zijn die een uitvoering hebben in de vorm van een tuinvaas.

Bloemenhouder

Gleibakkerij Buiten de Kerkpoort, Harlingen

1750-1775

Twee Bloemenhouders

Tinglazuuraardewerk met blauwe beschildering, hoogte 30 cm

collectie Keramiekmuseum Princessehof, Leeuwarden, bruikleen Ottema-Kingma Stichting

Ook in de Friese gleibakkerijen te Harlingen en Makkum zijn in de achttiende eeuw incidenteel bloemhouders vervaardigd. De vorm van dit stel Harlinger bloemhouders is uitzonderlijk en komt in het Delfts aardewerk niet voor. Beide hebben elk vijf gaten in de bodem, reden om aan te nemen ze oorspronkelijk een onderschotel hadden. Ze zijn beschilderd door Pals Karsten, de eerste schilder van de gleibakkerij Buiten de Kerkpoort. Aan hem wordt een omvangrijk oeuvre toegeschreven dat ruim 140 tegeltableaus en stukken sieraardewerk omvat.

Twee Bloemenhouders

Onbekende plateelbakkerij, Delft

ca 1690

Twee Bloemenhouders

Tinglazuuraardewerk met blauwe beschildering, hoogte 102 cm

Collectie Gemeentemusea Delft, collectie Museum het Prinsenhof

Bloemhouders behoren tot de meest aansprekende vormen die er bestaan in het Delfts aardewerk. Ze zijn iconisch geworden voor de allerbeste kwaliteit: inventiviteit, creativiteit, technisch vernuft en commercieel inzicht. Bloemhouders zijn vervaardigd tussen 1680 en 1740, maar de grootste en meest spectaculaire vormen stammen uit de periode rond 1700. De twee ongemerkte exemplaren zijn daar een goed voorbeeld van. De ruim een meter hoge bloemhouders zijn niet uit een stuk vervaardigd, maar bestaan per bloemhouder uit vier stapelbare segmenten.

Twee Bloemenhouders

Plateelbakkerij De Metaale Pot, Delft

1695-1715

Twee tuinvazen

Tinglazuuraardewerk met polychrome beschildering, hoogte 38 cm

Collectie Rijksmuseum Amsterdam

Grote tuinvazen, uitgevoerd in Delfts aardewerk, zijn relatief zeldzaam. De meeste dateren uit de periode rond 1700. Deze twee tuinvazen worden toegeschreven aan De Meetale Pot onder directie van Lambertus van Eenhoorn (1691-1724). Dat dergelijke tuinvazen ook al door zijn voorganger Lambertus Cleffius zijn gemaakt, bewijst de boedelinventaris die in 1691 na zijn overlijden werd opgemaakt. Daarin wordt melding gemaakt van vergelijkbare tuinvazen: 2½ dosijn blompotten met ooren numero 10 staande op plank 27.

Twee tuinvazen

Regio Jingdezhen, China

1628-1644

Kan met koperen 19de eeuwse vatting

Porselein met blauwe beschildering,
hoogte 25 cm

De westerse vorm van de bloemhouder is in hoofdzaak beschilderd met Chinese versieringsmotieven. Op de buik tussen de aanzetten van de handvatten zijn twee ‘Chinese tuintjes’ aangebracht, die bestaan uit gestileerde rotsen waaraan verschillende bloemen en planten ontspruiten. Deze decoraties zijn ontleend aan het overgangsporselein van de laatste Ming keizer Chongzhen (1628-1644). Ook de van dit porselein kenmerkende tulpmotieven zijn aangebracht op de tuiten van het deksel. De kan is een kenmerkend voorbeeld van overgangsporselein uit de Chongzhen periode.

Kan met koperen 19de eeuwse vatting

Creditline

De aankoop van de Delfts aardewerken bloemenhouder is mogelijk gemaakt door:

De Vereniging Rembrandt

De Ottema-Kingma Stichting

Creditline
← Ga terug