Skip over navigation | Sla menu over

Waarom gesteund?

25 augustus 2016: Museum Prinsenhof Delft presenteert een 17de eeuws schuttersstuk

 

Waarom gesteund door de Vereniging Rembrandt: Met de aankoop van het Schuttersstuk met de portretten van Willem Reyersz de Langue en Daniël Fransz van der Brugge (1648) door Museum Prinsenhof Delft kan na lange tijd het ensemble schuttersportretten uit de Delftse Doelen worden gecompleteerd. Dit stuk hoort in Delft thuis en past uitstekend bij de zorg voor het stedelijk erfgoed.
Het door Jacob Willemsz Delff II geschilderde portret was lange tijd onvindbaar. De andere schuttersstukken die in de 17de eeuw in de Delftse Doelen hingen, zijn op enig moment als beschermwaardig Delfts Erfgoed beland in het stadhuis en naderhand overgedragen aan het museum. Het ontbrekende stuk dook in 1928 en opnieuw in 1939 op in Londen, waar het bij Christie's te koop werd aangeboden. Daarna verdween het weer van de radar. In de loop van de decennia is in verschillende publicaties betreurd dat dit werk in Delft ontbrak. Dat het nu na vele jaren alsnog zijn weg naar ‘huis’ vindt is bijzonder voor de stad Delft en voor de Collectie Nederland.

Het schuttersstuk is aangekocht met steun van de Vereniging Rembrandt, mede dankzij haar BankGiro Loterij Aankoopfonds en haar Themafonds 17de-eeuwse Schilderkunst.

Samenstelling: Anita Jansen, conservator Museum Prinsenhof Delft

Jacob Willemsz. Delff II (1619-1661)

1648

Schuttersstuk met de portretten van Willem Reyersz. de Langue en Daniël Fransz. van der Brugge

Olieverf op doek, 192 × 126 cm

Collectie Museum Prinsenhof Delft, aangekocht met steun van de Vereniging Rembrandt in 2015.

Halverwege de 17de eeuw sieren zeker vijf schuttersstukken de Delftse Doelen. Het kleinste schuttersstuk, geschilderd in 1648 door Jacob Delff II, is uitzonderlijk vanwege het formaat maar ook omdat hier maar twee schutters op zijn uitgebeeld. De Delftse notaris Willem de Langue en herbergier Daniel van der Brugge zijn respectievelijk sergeant en musketier bij het Witte Vendel. Aan het einde van de 18de eeuw verdwijnt dit schilderij uit beeld tot het in het najaar van 2015 plotseling opduikt op een veiling in Parijs. Voor Museum Prinsenhof is duidelijk dat alles op alles moet worden gezet om dit schuttersstuk terug te halen naar Delft om daarmee het ensemble weer compleet te maken. En dat is gelukt: dankzij de steun van de Vereniging Rembrandt zijn de Delftse schutters voor het eerst in zeker tweehonderd jaar weer verenigd!

Schuttersstuk met de portretten van Willem Reyersz. de Langue en Daniël Fransz. van der Brugge

19 april 1644

Balans van uitgaven en inkomsten naar aanleiding van de schietwedstrijd, met signaturen van Willem de Langue en Daniel van der Brugge

Inkt op papier

Collectie Archief Delft

De hoofdpersonen in het teruggevonden schuttersstuk kennen elkaar goed. Willem Reyersz. de Langue (1599-1656) heeft zijn notarispraktijk aan de noordzijde van de Markt. Daniel Fransz. van der Brugge(...- 1676) is zijn achterbuurman en eigenaar van herberg Hemelrijck aan de Voldersgracht. Als prominente leden van het Witte Vendel vormen ze in 1643 samen het bestuur van de schutterij. In die functie maken ze in 1644 de balans op van uitgaven en inkomsten naar aanleiding van de jaarlijkse schietwedstrijd. Aan de verkoop van dertienhonderd loten wordt driehonderd en negentig gulden verdiend. Na controle zetten beide heren hun handtekening onderaan het document.

Balans van uitgaven en inkomsten naar aanleiding van de schietwedstrijd, met signaturen van Willem de  Langue en Daniel van der Brugge

Jacob Willemsz. Delff II (1619-1661)

1648

De officieren van het Witte Vendel

Olieverf op doek, 197 × 275 cm

Collectie Museum Prinsenhof Delft

In 1648 schildert Jacob Delff II niet alleen het herontdekte dubbelportret maar ook het grote schuttersstuk van De officieren van het Witte Vendel. Elk vendel wordt geleid door zes officieren. Een kapitein, een luitenant, de vaandrig en drie sergeanten. Opmerkelijk is dat maar vijf van de zes officieren van het Witte Vendel zijn afgebeeld. Eén sergeant ontbreekt, namelijk notaris Willem Reyersz. de Langue. Deze laat zich -óók in 1648- door Jacob Delff II portretteren in het kleine schuttersstuk waarvoor hij zelf opdracht geeft. Waarom hij zich niet in het grote stuk heeft laten vereeuwigen is vooralsnog een raadsel.

De officieren van het Witte Vendel

Willem van der Lelij (1698-1772)

ca. 1730

Portret van Jacob Willemsz. Delff II (1619-1661)

Gouache op papier, 19 x 12 cm

Collectie Museum Prinsenhof Delft

Dat Jacob Delff II, zoon van de befaamde graveur Willem Jacobsz. Delff  in 1648 opdracht krijgt voor het schilderen van twee schuttersstukken is geen toeval. Niet alleen is hij zelf sergeant bij het groene vendel, hij is daarnaast telg uit twee prominente kunstenaarsgeslachten. Deze zijn verantwoordelijk voor alle nog bestaande schuttersstukken uit Delft. Zijn grootvader Jacob Delff I schildert in 1592 het Vierde rot. Zijn andere grootvader, de beroemde Michiel van Mierevelt vervaardigt in 1611 de schuttersmaaltijd terwijl zijn oom Rochus Dellf het Oranjevendel vereeuwigd.

Portret van Jacob Willemsz. Delff II (1619-1661)

Willem Willemsz van der Vliet (ca. 1584-1642)

1626

Portret van notaris Willem Reyersz. de Langue (1599-1656)

Olieverf op paneel, 114 × 87 cm

Collectie Museum Prinsenhof Delft, aangekocht met steun van de Vereniging Rembrandt in 2009.

Willem Reyersz. de Langue, de hoofdpersoon op het nieuwe schuttersstuk, speelt een belangrijke rol binnen het artistieke milieu van Delft. Hij is een gepassioneerd kunstliefhebber en verzamelaar en onderhoudt nauwe banden met veel Delftse kunstenaars. Een groot aantal van hen maakt gebruik van zijn notariële diensten waaronder Johannes Vermeer, Leonaert Bramer en de schilder van dit portret Willem van der Vliet. De laatste schildert De Langue en zijn vrouw Maria Jorisdr. Pijnacker al in 1626 ter gelegenheid van hun huwelijk prachtige pendantportretten. Jacob Delff II die De Langue 22 jaar later vereeuwigt als schutter is ook klant bij de notaris.

Portret van notaris Willem Reyersz. de Langue (1599-1656)

Leonardus Schenk (1696 – 1767)

ca. 1730

Gesicht van de oude Doelen

Gravure, 14,8 x 18,8 cm

Collectie Archief Delft

Vóór 1654 zijn de Delftse schuttersdoelen gelegen ten oosten van de Verwersdijk. Dit is de plek waar de Delftse schuttersstukken de wanden sieren. Bij de kruithuisontploffing op 12 oktober 1654 worden de Doelen verwoest en raken alle schuttersstukken ernstig beschadigd. Jacob Delff II, de enige nog levende schilder van de schuttersstukken krijgt opdracht ze te restaureren. In 1655 worden op kosten van de stad  Nieuwe Doelen gebouwd. Bijzonder is dat Jacob Delff II ook  toezicht houdt op de bouw en inrichting van het nieuwe pand. Na restauratie hangt hij de schuttersstukken in de Blauwe zaal van de Nieuwe Doelen.

Gesicht van de oude Doelen

Jacob Willemsz. Delff I (ca. 1550-1601)

1592

De officieren en manschappen van het vierde rot haakbusschutters, met kapitein Lucas van Vliet

Olieverf op paneel, 201 x 298 cm

Collectie Museum Prinsenhof Delft

Het complete rot haakbusschutters op dit oudste Delftse schuttersstuk, wordt in 1592 geschilderd door Jacob Delff I. Alle schutters die zijn afgebeeld moeten meebetalen aan het portret. Bijzonder is dat de schilder – linksboven met grijze baard - ook zichzelf en zijn drie zonen heeft uitgebeeld. De kans is groot dat zij lid waren van deze schutterscompagnie.
Ook in de andere schuttersstukken duiken familieleden van de schilders op. Zo is graveur Willem Jacobsz Delff, zoon van Jacob Delff I en vader van Jacob Delff II, als vaandrig van het Oranjevendel geportretteerd in twee van de Delftse schuttersstukken.

De officieren en manschappen van het vierde rot haakbusschutters, met kapitein Lucas van Vliet

Creditline

De aankoop van het Schuttersstuk werd mede mogelijk gemaakt door:

De Vereniging Rembrandt

De BankGiro Loterij

Creditline
← Ga terug