Jupiter en Callisto

ca. 1593-1600 François Spiering (atelier van; vervaardiger)

Spiering Jupiter Callisto
Kunstenaar
François Spiering (atelier van; vervaardiger) (1551 - 1630)
Datering
ca. 1593-1600
Techniek
Wol en zijde op wollen inslag
Afmetingen
360 x 260 cm
Museum
Rijksmuseum
Verzamelgebied
Middeleeuwen en Renaissance, Toegepaste kunst en Design
Periode
1500-1600
Gesteund in
2007
Herkomst
Veiling Tajan, Parijs, 13 december 2006; Rijksmuseum, Amsterdam, inv. nr. BK-2006-75

Een gedegen kennis van de Metamorfosen wordt bij de kijker verondersteld om de voorstellingen op de wandtapijten te duiden. Die was in de tijd van hun vervaardiging in brede kring aanwezig, getuige de vele schilderijen en prenten die op Ovidius’ meesterwerk zijn gebaseerd. Op het eerste wandtapijt is De geschiedenis van Jupiter en Callisto weergegeven, uit boek II van de Metamorfosen. Jupiter had zijn blik laten vallen op de nimf Callisto die na een warme dag loom in het gras lag. De amoureuze Jupiter zien we links een slapende Callisto bespieden. Rechts op de voorgrond betast Jupiter – vermomd als Diana – het meisje dat een volgelinge is van de godin. Callisto denkt dan ook aanvankelijk met Diana van doen te hebben. Te laat ontdekt zij haar vergissing. Rechts op het middenplan zien we de zwangere Callisto op de rug, omringd door Diana en haar metgezellinnen. In het meertje waarin het gezelschap zou gaan baden wordt de schandelijke toestand van Callisto ontdekt. De rest van het verhaal is niet weergegeven. Callisto’s gedaanteverandering in een berin die bijna wordt gedood door haar eigen zoon, de ‘hemelvaart’ van hen beiden om aan het firmament de sterrenbeelden de Grote en de Kleine Beer te vormen, dat alles wordt bekend verondersteld.

Waarom gesteund

De Utrechtse humanist en kunstliefhebber Arend van Buchell noteerde in 1598 in zijn dagboek, naar aanleiding van een bezoek aan het atelier van de in Delft gevestigde wever François Spiering (1549-1631), dat deze voor zijn wandtapijten vooral gebruik maakte van de ontwerpen van Karel van Mander I (1548-1606). Hun samenwerking heeft geresulteerd in tenminste drie schitterende reeksen wandtapijten, die de absolute top vormen van de Nederlandse tapijtkunst. Van de 125 wandtapijten waarover het Rijksmuseum tot 2006 beschikte, waren er 25 afkomstig uit Nederland. Drie daarvan kwamen uit het atelier van François Spiering met voorstellingen naar verhalen uit de Metamofosen. Een lang gekoesterde wens om meer wandtapijten uit deze serie te verwerven ging in vervulling toen eind 2006 nog drie exemplaren op een Parijse veiling konden worden aangekocht.

Met dank aan

Aangekocht met steun van de Vereniging Rembrandt, het Prins Bernhard Cultuurfonds en de BankGiro Loterij

Vragen

Ziet u een fout? Of hebt u extra informatie over dit object? Laat het ons weten!